Handelsakkoord stimuleert grondstofroof? Meer dan 120 organisaties uit Europa en Indonesië luiden de alarmbel

Meer dan 120 maatschappelijke organisaties en vakbonden uit Indonesië en Europa roepen vandaag de Indonesische regering en de Europese Unie op om de onderhandelingen over het vrijhandelsakkoord tussen Indonesië en de EU – het Comprehensive Economic Partnership Agreement (CEPA) – stop te zetten.

De organisaties waarschuwen dat deze overeenkomst een bedreiging vormt voor het milieu, het klimaat en de rechten van vrouwen, inheemse gemeenschappen, arbeiders, kleine boeren en vissers. Een twistpunt is de controle over de wereldwijd waardevolle nikkelvoorraden en de mogelijkheid om ervoor te zorgen dat deze op een duurzame manier worden beheerd, zodat de lokale gemeenschappen in Indonesië hiervan profiteren. Indonesië en de Europese Unie onderhandelen sinds 2016 over de handelsovereenkomst tussen de EU en Indonesië. Beide partijen hebben aangegeven dat ze de onderhandelingen snel willen afronden.

Rachmi Hertanti van het Transnational Institute in Indonesië zegt:

"De vrijhandelsovereenkomst zou betekenen dat de grondstoffensector volledig moet worden opengesteld voor mondiale markten en buitenlandse bedrijven. Dit zou een beperking betekenen van de huidige maatregelen om de verwerking van grondstoffen zoals nikkel in het land te stimuleren, waardoor banen worden gecreëerd en waarde wordt toegevoegd. Indonesië beschikt over een overvloed aan natuurlijke hulpbronnen, maar om de ontwikkeling van de bevolking te ondersteunen, moeten we de overmatige winning van grondstoffen voor de export, die alleen ten goede komt aan transnationale ondernemingen, beperken."

"“De handelsovereenkomst dreigt Indonesië te verstrikken in laagwaardige handel en de democratisering van energie te ondermijnen door het liberaliseren van cruciaal mineralenbeleid, waardoor de Indonesische regering geen beleidsruimte meer heeft om het levensonderhoud van de bevolking te beschermen.”

Fanny Tri Jambore van WALHI in Indonesië:

"De ontwikkeling van de natuurlijke hulpbronnen van Indonesië moet op een duurzame en verantwoorde manier gebeuren – we moeten de planeet, lokale gemeenschappen en de rechten van werknemers beschermen. Er zijn veel te veel slechte voorbeelden en we dringen aan op maatregelen om de situatie te verbeteren. Deze handelsovereenkomst dreigt deze inspanningen echter te ondermijnen, wat ernstige gevolgen kan hebben voor mens en natuur.“

Marius Troost van Both ENDS in Nederland:

”Het hardnekkige streven van de EU naar maximale marktliberalisering heeft in feite tot een averechts effect geleid. Terwijl de EU met Indonesië in conflict is over handelsregels, heeft China tientallen miljarden geïnvesteerd in de nikkelwinning en -raffinage in Indonesië en is het nu dominant in deze sector. Europa moet een meer gelijkwaardig partnerschap met Indonesië opbouwen, in het belang van beide partijen, met respect voor elkaars behoeften en tegen een eerlijke prijs.“

Julie Zalcman, campagnevoerder bij Friends of the Earth Europe:

“Kritieke grondstoffen zijn noodzakelijk voor de energietransitie, maar de exploitatie ervan mag niet ten koste gaan van mensenrechten, biodiversiteit en water. De EU moet haar vraag naar grondstoffen serieus in vraag stellen en doelstellingen voor consumptievermindering vaststellen, voordat ze overhaast nog meer hulpbronnen gaat winnen uit een eindige planeet.”